Medicatievoorraad op het kalverbedrijf
Wat mag u op voorraad hebben en waar moet u op letten?
Regelmatig krijgen wij vanuit controlerende instanties vragen/opmerkingen over de aanwezige voorraad diergeneesmiddelen en antibiotica op kalverbedrijven. Daarom zetten we de belangrijkste regels nog eens overzichtelijk voor u op een rij.
Het uitgangspunt is eenvoudig: op het bedrijf mag alleen medicatie aanwezig zijn die volgens de geldende wetgeving en het bedrijfsbehandelplan (BBP) voorhanden mag zijn. Daarnaast gelden er grenzen aan de hoeveelheid antibiotica die op voorraad mag zijn.
De onderstaande informatie is gebaseerd op de Regeling diergeneesmiddelen 2022 (geldend vanaf 1 januari 2026), de Voorschriften Kalverhouderij/Vitaal Kalf 2026, het SKV-reglement 2026 en informatie van de NVWA.
Eerste keuze antibiotica: maximaal 15%
Voor antibiotica die als eerste keuze zijn aangemerkt en die de veehouder zelf mag toepassen volgens het BBP, mag op het bedrijf maximaal een hoeveelheid aanwezig zijn waarmee 15% van de aanwezige en voor de betreffende aandoening vatbare dieren één keer kan worden behandeld.
Tweede keuze antibiotica: maximaal 5%
Voor tweede keuze antibiotica gelden strengere voorwaarden. Bij vleeskalveren mag voor een aandoening waarvoor een tweede keuze middel in het BBP is opgenomen, maximaal een voorraad aanwezig zijn waarmee 5% van de in de betreffende stal aanwezige en voor die aandoening vatbare vleeskalveren één keer kan worden behandeld.
Daarnaast moet aan de voorwaarden uit de UDD-regeling worden voldaan. Zo moet de noodzaak om het tweede keuze middel op voorraad te hebben in het bedrijfsgezondheidsplan (BGP) zijn opgenomen en moeten maatregelen zijn beschreven om de aandoening te bestrijden en herhaling te voorkomen. Voor maximaal drie aandoeningen/ziekten kan een tweede keuze middel in het BGP/BBP worden opgenomen.
Maar wat als één flesje meer bevat dan de maximale voorraad?
Dit is een belangrijke uitzondering en een veelvoorkomende bron van vragen. Als één flesje geneesmiddel meer inhoud bevat dat de maximale toegestane voorraad zoals hierboven beschreven, mag dag flesje toch op het bedrijf aanwezig zijn, mits het de kleinste toegestane primaire verpakking betreft en het geneesmiddel niet in een kleinere verpakking kan worden verdeeld.
Let op: een volledige koppelkuur mag niet zomaar op voorraad liggen
Binnen Vitaal Kalf geldt aanvullend dat er geen volledige koppelkuur antibiotica op voorraad mag zijn op een kalverhouderij. Wanneer een koppelkuur wordt geleverd, moet deze binnen maximaal 2 dagen worden gebruikt. De ontvangst en het gebruik moeten aantoonbaar zijn via bijvoorbeeld het doseringsvoorschrift of de bezoekrapportage van de dierenarts.
Is een koppelkuur geannuleerd, gewijzigd of zijn er bijvoorbeeld twee kuren tegelijk geleverd? Dan moet de dierenarts de reden hiervoor vastleggen in het bezoekverslag. Dit is een belangrijk verschil met de beperkte voorraad voor individuele behandelingen.
Derde keuze antibiotica
Binnen de kalversector geldt dat derde keuze antibiotica niet structureel als voorraad op het bedrijf aanwezig mogen zijn. Wanneer een derde keuze middel noodzakelijk is, moet de inzet en noodzaak veterinair worden onderbouwd door de dierenarts en moet het gebruik aantoonbaar zijn. Is de noodzaak verdwenen, dan dient dit middel van het bedrijf verwijderd te worden
Wat moet er met koelkastproducten gebeuren?
De opslag van diergeneesmiddelen verdient extra aandacht, zoals bij welke temperatuur dient een geneesmiddel bewaard te worden. Een geneesmiddel dat volgens de bijsluiter bij 2-8 graden bewaard moet worden, dient in een werkende koelkast te staan. De juiste bewaartemperatuur staat op de verpakking/bijsluiter. De meeste medicamenten dienen tussen de 15-25 graden bewaard te worden.
Verkeerd bewaren vermindert de werkzaamheid van het geneesmiddel.
Daarnaast geldt binnen Vitaal Kalf dat de medicatieopslag zich in een afgesloten kast of ruimte moet bevinden en hierbij wordt afgescheiden van dieren, voer. R&O middelen, gewasbeschermingsmiddelen en ongediertebestrijdingsmiddelen. In deze kast/ruimte mogen zich uitsluitend diergeneesmiddelen bevinden. Dit geldt ook voor de koelkast met de gekoelde producten!
Vergeet de houdbaarheid en aanprikdatum niet
Op het bedrijf mogen geen diergeneesmiddelen aanwezig zijn waarvan de houdbaarheidsdatum is verstreken. Daarnaast geldt binnen Vitaal Kalf dat na het aanprikken of aanbreken van een diergeneesmiddel de datum van aanprikken/aanbreken op het flesje of de verpakking moet worden genoteerd. Dit geldt zowel voor vloeibare diergeneesmiddelen als voor poeders.
Heeft u vragen over eerste/tweede keus of een juiste bewaring. Raadpleeg uw dierenarts of bekijk de bijsluiter. De bijsluiters zijn te vinden op de portal of bij de betreffende geleverde medicamenten
NOTE
De NWVAB (Nederlandse werkgroep antibioticabeleid) is momenteel bezig om de indeling/classificatie van antibiotica aan te passen in lijn met de EMA/AMEG classificatie. Hierdoor zullen veranderingen in eerste, tweede of derde keus plaatsvinden. De nieuwe classificatie zal daarnaast een naamsverandering ondergaan. De nieuwe classificatie wordt:
- D (eerste keus) Doelmatig,
- C (tweede keus) conditioneel, en
- B (derde keus) beperken.
We zullen u hier komend jaar verder over informeren.
Bronnen
- Regeling diergeneesmiddelen 2022
- NVWA – Basisvragen gebruik antibiotica in de veehouderij
- NVWA – Regels bewaren antibiotica
- Voorschriften Vitaal Kalf – Kalverhouderij, versie 15, 1 januari 2026
- SKV Reglement, versie januari 2026