F2447789-3359-49C8-BA40-E2C2EB8B5592

Nieuwsbrief mei 2011: schurft

Schurft is een vaak voorkomend probleem

Veel kalverhouders en vleesvee/zoogdierhouders kennen schurft (=een aandoening van de huid veroorzaakt door de schurftmijt). Schurft veroorzaakt vaak erge jeuk, pijn, huidirritatie, kaalheid en korstvorming. Dit leidt tot onrust, een verminderde conditie en tegenvallende groei. Vroeger was dit vooral een probleem in de herfst en winter periode, tegenwoordig zien we dit het hele jaar door opspelen.

Belgisch WitBlauwe gevoeliger

Het Belgisch WitBlauwe (BWB) vee lijkt duidelijk gevoeliger dan de HF runderen. Dit wordt veroorzaakt door:

  • Verschil in de huidstructuur.
  • De bouw van de dieren met name de afgeplatte rug (Hierdoor blijft de bovenzijde van het dier makkelijker nat staan)
  • Verder lijken BWB ook sterker te reageren op de stoffen die bij deze mijtinfectie vrij komen. (Dieren met een wit haarkleed zijn gevoeliger dan de “blauwe”dieren.)

De besmetting gaat grotendeels via direct contact, maar kan ook uit de omgeving komen.

Schurftmijten veroorzaken schurft

2 soorten schurftmijten: bijtende en gravende mijten.

De namen spreken voor zich, de bijtende mijt leeft op het rund en eet huidschilfers en lymfevocht, wat vrijkomt door in de huid te bijten. Deze mijten leggen eieren in het haar. De eieren komen uit en ontwikkelen zich tot larven en daarna tot nymfen, die binnen 10 dagen uitgroeien tot volwassen mijten. Deze mijten kunnen 2-3 weken in een stal zonder rundvee overleven.

De gravende mijt graaft gangen in de huid, waar zij haar eieren legt. De hieropvolgende larvale en nymfale stadia ontwikkelen zich in de huid en binnen 2-3 weken zijn deze uitgegroeid tot volwassen mijten. De gravende mijt kan max. 2-3 dagen zonder runderen overleven in de omgeving.

Beide mijten kunnen in het volwassen stadium tot wel 60 dagen eieren leggen

3 types mijten van groot belang

 -Chorioptes Bovis: Geeft vaak afwijkingen onder aan de poten. Van daaruit kunnen ze naar boven trekken. Jeuk is bij deze mijtinfectie bepekrt. Hij is makkelijk te bestrijden is (standaard schurftbehandeling is al voldoende) en  geeft niet al te grote problemen.

-Psoroptes Bovis: Veroorzaakt de zogenoemde natte schurft. Deze type mijtinfectie is bij BWB vee de grootste boosdoener van schurftproblemen. De mijten bijten in de huid, zo komt er lymfe vrij, waar ze van leven. Door de jeuk gaan kalveren schuren, wat  huidbeschadiging geeft, door het schuren komt er meer vocht vrij  en worden korsten en schilfers gevormd, die weer voeding voor de mijt en zijn larvale stadia zijn. Zo wordt het van kwaad tot erger. De groeivermindering bij jonge dieren zou 30-50 gr/dier/dag/ per procent van de aangetaste huid zijn.

Zowel Chorioptes en Psoroptes zijn beide niet gravende mijten en komen vaak gezamenlijk voor op een dier met verschijnselen van schurft. Bij een schurftinfectie kan verder secundair een bacteriële infectie optreden, wat het beeld verergert.

-Sarcoptes Bovis: Leeft op weinig behaarde delen, de nek, elleboog en rond de staartbasis. Dit betreft een gravende mijt. Je ziet weinig van deze infectie (acute fase), tot het dier overgevoelig wordt en een huidontsteking ontwikkelt (chronische vorm). De huid gaat verdikken (olifantshuid), krijgt korsten en wordt kaal. Vaak komt er een bacteriële ontsteking van de huid bij. De sarcoptes leeft niet langer dan 2-3 dagen buiten een rund. Daar deze mijt in de huid leeft, zal de behandeling middels injectie moeten plaatsvinden (wassen met een geregistreerd middel heeft hier dus geen zin).

Van minder belang zijn de volgende mijten (vaak bij een weerstandsprobleem):

 -Cheyletiella spp (vachtmijt) : geeft voornamelijk droge, grijzige schilfering, jeuk is wisselend. Deze mijt is geen groot probleem, mede omdat hij goed reageert op behandeling tegen schurft (pour-on middelen).

-Demodex bovis (haarfollikels): geeft lokaal pukkels en puistjes, meestal goedaardig en geneest in loop van maanden vanzelf, geeft geen jeuk.

 Behandeling:

Stress en slechte conditie/weerstand  (er lijkt een verband te zijn tussen ernstige mijtinfecties en tekorten aan mineralen, vooral de zink, koper, jodium en seleen lijken een rol te spelen)

Hoe eerder hoe beter: als je verschijnselen op de dieren ziet, ben je eigenlijk al te laat.

Juiste dosering, bij onderdosering grote kans op resistentie.

Alle (contact) dieren moet intensief en gelijktijdig behandeld worden.

Dieren geheel scheren, hierdoor raak je de eieren in het haar kwijt, wassen of pour- on middelen zullen beter werken. De dieren zullen ook droger blijven op de rug. (let wel op het gebruik van het scheerapparaat!! Vanwege overdracht)

Bij ernstig aangetaste dieren is het aan te bevelen het dier eerst goed te wassen met een bacterie dodend middel (denk b.v. aan jodiumscrub/shampoo), hierbij worden de korsten verwijderd en wordt de bacteriële infectie bestreden. De huid droogt mooi op.

Behandeling gravende mijt (Sarcoptes bv): 2 x ivermectine-achtige spuiten met 7 dagen tussentijd.

Behandeling bijtende mijt: Starten met injectie ivermectine-achtige gevolgd na 10 dagen door een behandeling met pour-on of wassen met een geregistreerd middel, behandeling na 10 dagen herhalen. min. 2 x zo nodig 3 x wassen met steeds 8 dagen tussentijd. (het hele dier moet nat worden! En lees de bijsluiter voor gebruik, wasmiddel is toxisch)

Let ook op de hygiëne, het is makkelijk over te brengen

Noot

  • De meeste schurftmiddelen werken ook tegen luis. Luis kan de huid aantasten, waardoor schurft makkelijker kan aanslaan (nieuwsbrief maart 2008)
  • “Ringschurft” is geen mijt, maar een schimmelinfectie