F2447789-3359-49C8-BA40-E2C2EB8B5592

Diarree of dunne mest bij vleeskalveren

Diarree of dunne mest

Diarree is een verzamelnaam van veel verschillende symptomen en je zou het ook dunne mest kunnen noemen. Dunne mest klinkt alvast minder dramatisch en zoals iedere kalverhouder weet kan diarree van mild en voorbijgaande aard zijn maar kan ook zeer snel ernstige gevolgen hebben.

Voor verschillende diarree problemen binnen eenzelfde stal kunnen verschillende aanpakken geïndiceerd zijn. Deze baseren we op een inschatting van de mogelijke oorzaak. In geval van diarree is het dan ook zaak om binnen de driehoek van vertegenwoordiger – dierenarts en veehouder de risico’s te analyseren.

Mogelijke oorzaken van diarree

Infecties

Soms is de oorzaak te zoeken in een infectie door een bacterie, virus of parasiet. Hierbij zijn virussen zoals het Rota en Corona virus enkel voor jonge kalveren tot maximaal 3 weken oud een gevaar. De bacterie E. coli komt als veroorzaker van diarree enkel voor tot 2 weken leeftijd. Daarna blijft hij wel in ieder kalf aanwezig en kan op andere manieren bij verzwakte kalveren toeslaan.  Deze veroorzakers komen slechts sporadisch voor bij jonge en zwakkere kalveren.

De reden dat deze virussen en E coli enkel bij deze jonge kalveren voorkomen is doordat de zuurtegraad van de dunne darmen en lebmaag bij jonge kalveren stijgt (de PH wordt lager). Hierdoor krijgen deze kiemen niet meer de kans krijgen hun diarree veroorzakende mechanismen in werking te stellen.

Tegen Cryptosporidiose bouwt ieder kalf weerstand op, deze veroorzaakt voornamelijk ziekte in minder hygiënische omstandigheden (kalf op stro) of waarbij de weerstand is verminderd (denk hierbij aan een matige conditie). In theorie kan crypto tot 7 weken leeftijd diarree veroorzaken en wordt deze geïsoleerd uit mestmonsters.

Een andere bacterie, Salmonella, kan op elke leeftijd voorkomen, net als de parasieten die coccidiose veroorzaken.

Belangrijk om te weten is dat ook bij gezonde kalveren een keur aan infectieuze kiemen uit de mest gehaald kan worden. Net als bij longproblemen is dan ook de vraag of de ziekte veroorzaakt wordt door een nieuwe infectie of door omstandigheden waardoor de reeds aanwezige kiemen toeslaan. Preventie is het codewoord en door optimalisatie van de algemene darmgezondheid kunnen grote problemen soms vermeden worden.

Veranderingen in bacteriële flora

Misschien de belangrijkste veroorzaker van diarree is een overmaat aan bacteriën in de darm. Dit hoeven dan niet noodzakelijk schadelijke bacteriën te zijn maar kunnen normale bacteriën zijn die schadelijk worden door hun massale aanwezigheid.

Een overmaat aan slechte bacteriën in de darm kan ook voor problemen zorgen zonder diarree. Denk hierbij aan slechte groei, (pens)verzuring, lebmaagzweren en borst buikvlies ontstekingen. Dit door slechte werking van magen, darmen of falen van lokale beschermingsmechanismen in de darm zoals loslaten van de tight junctions en schade aan darmcellen.

Voedingspatroon

Zo kunnen een overmaat aan snel verteerbare eiwitten of suikers bepaalde types bacteriën bevoordelen met diarree tot gevolg. Een plotse wijziging in voedingspatroon kan een soortgelijke shift veroorzaken en wanneer de balans te veel doorslaat in het voordeel van een bepaalde bacterie zien we diarree.

Indien de geselecteerde bacterie dan ook nog eens makkelijk gas produceert gaan kalveren vol staan in de darm, lebmaag of, via hetzelfde mechanisme, in de pens. Wanneer er te veel slechte bacteriën in de dunne darm zitten, spreekt men van SIBO, een afkorting voor small intestinal bacterial overgrowth of in het Nederlands bacteriële overgroei van de dunne darm.

Kiemgetal

Via hetzelfde mechanisme van te veel bacteriën (of schimmels) kan ook bevuilt voer diarree veroorzaken. Te hoge kiemgetallen in water, melk of ruwvoer brengen rechtstreeks grote hoeveelheden slechte bacteriën naar de magen en later de darmen.

Longproblemen

Bacteriële shift kan ook ontstaan doordat het kalf zelf zijn rantsoen gaat wijzigen door selectief te eten of pens drinken. Doordat kalveren zich niet lekker voelen werkt de slokdarmsleufreflex minder goed. De koorts, toxines vanuit de longinfectie, ontstekingsmediatoren en verlaagde bloed toevoer naar de darmen spelen mee een rol in het ontstaan van deze diarree.

Kalveren met diarree worden zelf ook gevoeliger aan longproblemen. Wat de kip of het ei ook is, geen van beiden mogen uit het oog verloren worden in iedere probleem analyse.

Antibiotica

Ook antibiotica kunnen een verhoogd aantal kiemen teweeg brengen. Door antibiotica toe te dienen kan je namelijk een selectie maken in het voordeel van een ongevoelige kiem. Met name bij jonge kalveren waarbij de darmflora aan verandering onderhevig is en hierdoor ook minder stabiel is. De kalveren kunnen hierdoor ook stoppen met drinken en diarree hoeft niet altijd aanwezig te zijn.

Cachexie

Bij cachexie (ondervoeding) kan het zijn dat de darm zelf niet goed functioneert. Vooral doordat de turn-over van de darmcellen naar beneden gaat. Hierdoor kunnen de darmen minder voeding en vocht opnemen (minder darmoppervlak) en gaan de verbindingen tussen de darmcellen kapot, waardoor bacteriën makkelijker het lichaam binnen kunnen treden. Naast de verminderde aanmaak van cellen vermindert het aantal darmbewegingen, hierdoor krijg je ook een veranderde darmflora.